ECLI:NL:RBZWB:2024:3642
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Josten
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens misbruik van recht bij Woo-verzoek over jeugdzorg
Eiser diende op 13 oktober 2023 een Woo-verzoek in bij de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over informatie met betrekking tot het principeakkoord financiële kader Hervormingsagenda Jeugd en maatregelen tegen geweld in de jeugdzorg. De minister bevestigde ontvangst en verlengde de beslistermijn, maar nam geen besluit binnen de termijn. Eiser stelde de minister in gebreke en stelde vervolgens beroep in bij de rechtbank wegens het uitblijven van een beslissing.
De rechtbank behandelde het beroep versneld en beoordeelde ambtshalve de ontvankelijkheid. Op grond van vaste rechtspraak en wettelijke bepalingen (artikelen 3:13 en 3:15 BW) kan een beroep worden afgewezen als sprake is van misbruik van recht. De rechtbank stelde vast dat eiser meerdere omvangrijke Woo-verzoeken had ingediend bij verschillende ministeries, zonder duidelijk belang of doel, en telkens kort na afloop van de beslistermijn een ingebrekestelling stuurde.
Tijdens de zitting bleek niet wat het doel van het Woo-verzoek was, mede doordat eiser niet was verschenen en zijn gemachtigde geen toelichting kon geven. De rechtbank concludeerde dat het eiser vooral ging om het verkrijgen van een dwangsom. Daarom werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht en werd niet inhoudelijk op het beroep ingegaan.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het Woo-verzoek is niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht.