Eiseres heeft op 9 maart 2023 een verzoek tot herbeoordeling van haar kinderopvangtoeslag ingediend bij de Dienst Toeslagen. Verweerder heeft niet binnen de wettelijke beslistermijn op dit verzoek beslist, ondanks ingebrekestelling op 9 maart 2024, ontvangen op 18 maart 2024.
De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is en vernietigt het niet tijdig genomen besluit. De rechtbank legt een termijn van zes weken op voor het verzenden van een vooraankondiging aan eiseres, gevolgd door een termijn van twee weken voor het nemen van een definitief besluit na ontvangst van een eventuele zienswijze.
Daarnaast wordt verweerder een dwangsom van €100 per dag opgelegd voor elke dag dat de termijnen worden overschreden, met een maximum van €15.000. Verweerder wordt ook verplicht het griffierecht van €51 aan eiseres te vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 28 juni 2024.