ECLI:NL:RBZWB:2024:497
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen intrekking Alcoholwetvergunning horeca-inrichting
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de burgemeester van Breda tot intrekking van de Alcoholwetvergunning voor zijn horeca-inrichting. Daarnaast heeft hij een voorlopige voorziening gevraagd om de sluiting van de inrichting uit te stellen.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:81 van Pro de Awb overwogen dat onverwijlde spoed een voorlopige voorziening rechtvaardigt, maar dat op korte termijn geen weloverwogen oordeel kan worden gegeven voorafgaand aan de sluiting. De burgemeester was niet bereid de uitspraak af te wachten.
Daarom is de werking van het besluit tot intrekking van de vergunning bij ordemaatregel geschorst tot uiterlijk één week na de zitting waarin het verzoek om voorlopige voorziening zal worden behandeld. De horeca-inrichting hoeft daardoor voorlopig niet te sluiten.
Deze ordemaatregel is voorlopig van aard en de voorzieningenrechter is in de verdere procedure niet aan deze schorsing gebonden. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter A.G.J.M. de Weert en griffier P.H.M. Verdonschot op 30 januari 2024.
Uitkomst: De intrekking van de Alcoholwetvergunning is voorlopig geschorst tot uiterlijk één week na de zitting over de voorlopige voorziening.