ECLI:NL:RBZWB:2024:7158
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Bulgarije
Eiser, een Syrische asielzoeker, diende op 13 april 2024 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze niet in behandeling omdat op grond van de Dublinverordening Bulgarije verantwoordelijk is, waar eiser eerder op 4 oktober 2023 een asielaanvraag had ingediend. Bulgarije accepteerde het terugnameverzoek.
Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt vanwege slechte opvangomstandigheden en mishandeling in Bulgarije. De rechtbank oordeelt dat deze omstandigheden niet voldoen aan de hoge drempel van structurele en zwaarwegende tekortkomingen zoals vereist door jurisprudentie (arrest Jawo).
De rechtbank erkent de ernst van eisers persoonlijke ervaringen, maar stelt dat deze niet relevant zijn voor de beoordeling van de overdracht binnen de Dublinprocedure. Eiser zal gereguleerd worden overgedragen en kan klachten indienen bij Bulgaarse autoriteiten.
Verder oordeelt de rechtbank dat verweerder terecht geen gebruik heeft gemaakt van de discretionaire bevoegdheid om de asielaanvraag onverplicht in behandeling te nemen, omdat geen bijzondere, individuele omstandigheden van onevenredige hardheid zijn aangetoond.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, het bestreden besluit blijft in stand en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.