ECLI:NL:RBZWB:2024:8411
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aanslag schenkbelasting terecht opgelegd wegens kwijtschelding schuld ex-echtgenote
Belanghebbende was sinds 1994 gehuwd in gemeenschap van goederen en stelde in 2011 huwelijkse voorwaarden op waarbij het ondernemingsvermogen aan hem werd toegedeeld onder schuldigerkenning van ruim € 956.000 aan de ex-echtgenote. Na hun scheiding in 2018 deed de ex-echtgenote afstand van deze vordering, vermeerderd met rente, wat belanghebbende als kwijtschelding van schuld aangaf voor de schenkbelasting.
De inspecteur legde een aanslag schenkbelasting op, welke belanghebbende betwistte. De rechtbank beoordeelde of de kwijtschelding een schenking vormt en of sprake is van voldoening aan een natuurlijke verbintenis die vrijstelling kan geven. De rechtbank stelde vast dat de kwijtschelding een verrijking voor belanghebbende en verarming voor de ex-echtgenote betekent.
De rechtbank vond dat de inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat de ex-echtgenote bewust en met de wil tot bevoordeling de schuld heeft kwijtgescholden, mede vanwege het belang bij continuïteit van de onderneming. Belanghebbende kon niet aantonen dat sprake was van een natuurlijke verbintenis die tot vrijstelling zou leiden. Daarom kwalificeert de kwijtschelding als belastbare schenking en blijft de aanslag in stand.
Uitkomst: De aanslag schenkbelasting wordt gehandhaafd omdat de kwijtschelding van de schuld kwalificeert als belastbare schenking.