Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de Belastingdienst/Toeslagen omdat deze niet tijdig heeft beslist op haar aanvraag tot herbeoordeling van haar kinderopvangtoeslag. De aanvraag werd ingediend op 23 november 2022, waarna eiseres de Belastingdienst op 24 november 2023 in gebreke stelde wegens het uitblijven van een besluit.
De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is omdat de beslistermijn is overschreden. De Belastingdienst wordt opgedragen binnen elf weken na verzending van deze uitspraak een vooraankondiging te verzenden, waarna een termijn van zes weken geldt voor het indienen van een zienswijze door eiseres. Vervolgens moet binnen twee weken na ontvangst van de zienswijze of het verstrijken van de termijn een besluit worden genomen.
De rechtbank legt een dwangsom van €100 per dag op vanaf het moment dat de eerste termijn wordt overschreden, met een maximum van €15.000. Daarnaast wordt de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht van €50 en proceskosten van €437,50 aan eiseres. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 13 februari 2024.