Uitspraak
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
19 december 2024 in de zaken tussen
[b.v.]uit [plaats 2] , vergunninghoudster,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Bij besluit van 13 juli 2023 verleende het college een omgevingsvergunning voor het intern verbouwen van een kantoorpand en het huisvesten van 74 alleenstaande minderjarige vluchtelingen voor tien jaar. Eisers maakten bezwaar tegen dit besluit, maar het college verklaarde deze bezwaren niet-ontvankelijk omdat zij niet als belanghebbenden werden aangemerkt. De rechtbank behandelde de beroepen op 19 december 2024 en oordeelde dat de door eisers ervaren overlast subjectief is en hen niet onderscheidt van andere buurtbewoners.
De rechtbank stelde vast dat de afstand van ruim 150 meter tussen het pand en de woningen van eisers, gecombineerd met beperkte inkijk en het feit dat het pand slechts twee verdiepingen hoog is, onvoldoende is om hen als belanghebbenden te kwalificeren. Ook was de buitenkant van het pand niet gewijzigd, en de gestelde waardedaling van de woningen was niet onderbouwd en niet waarschijnlijk gelet op het woningtype en de huizenmarkt.
Het college en het COA verklaarden dat na enkele aanloopproblemen in december 2023 geen meldingen van overlast meer zijn geweest. De rechtbank concludeerde dat de motivering van het college de besluiten kan dragen en verklaarde de beroepen ongegrond, waardoor de niet-ontvankelijkverklaring in stand blijft.
Uitkomst: De beroepen tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de bezwaren worden ongegrond verklaard omdat eisers geen belanghebbenden zijn.