Werknemer is sinds december 2018 in dienst en meldde zich in januari 2023 ziek. Werkgever en werknemer stelden een plan van aanpak op en werknemer startte in september 2023 met passende arbeid. Gedurende november 2023 tot september 2024 verscheen werknemer meerdere malen niet op afspraken bij werkgever, bedrijfsarts en cliënten zonder deugdelijke grond.
Werkgever schortte en stopzette het loon vanwege het niet nakomen van re-integratieverplichtingen. Het UWV oordeelde dat de re-integratie-inspanningen onvoldoende waren. Werkgever verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens ernstig verwijtbaar handelen van werknemer, zonder recht op transitievergoeding.
De kantonrechter oordeelt dat werknemer verwijtbaar heeft gehandeld door niet te verschijnen op afspraken en onvoldoende mee te werken aan re-integratie, maar dat geen sprake is van ernstige verwijtbaarheid. Dit mede omdat werknemer de verplichtingen niet goed begreep en zich niet volledig onbereikbaar hield. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 april 2025, met toekenning van een transitievergoeding van €3.248,09. Proceskosten worden aan werknemer opgelegd.