ECLI:NL:RBZWB:2025:260
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen intrekking bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding
Verzoekster ontving sinds oktober 2022 een bijstandsuitkering voor een alleenstaande. Het college van burgemeester en wethouders van Gilze en Rijen trok deze uitkering per 28 november 2023 in, omdat verzoekster een gezamenlijke huishouding zou voeren met een man, zonder dit te melden zoals voorgeschreven in de Participatiewet.
Verzoekster betwistte de gezamenlijke huishouding en stelde dat het huisbezoek onrechtmatig was omdat er geen voorafgaande toestemming was gegeven. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat er sprake was van 'informed consent' omdat verzoekster een toestemmingsverklaring had ondertekend. Ook was er voldoende bewijs dat de man zijn hoofdverblijf op het uitkeringsadres had en dat sprake was van wederzijdse zorg, zoals gezamenlijke boodschappen en financiële transacties.
De voorzieningenrechter concludeerde dat verzoekster de inlichtingenplicht had geschonden en dat het college terecht de uitkering had ingetrokken. Omdat de verwachting was dat het besluit in bezwaar stand zou houden, werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de bijstandsuitkering wordt afgewezen.