ECLI:NL:RBZWB:2025:5920
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang na verhuizing bij last onder dwangsom prostitutie
Deze uitspraak betreft het beroep van eiseres tegen een last onder dwangsom die is opgelegd wegens prostitutieactiviteiten in een woning. Verweerders hebben het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard. De last werd opgelegd aan de betrokkene die op 23 juni 2025 is verhuisd, waardoor hij de last niet meer kan overtreden.
De rechtbank stelt vast dat een bestuursrechter een beroep alleen inhoudelijk hoeft te beoordelen als het voor de beslechting van het geschil van betekenis is. Dit betekent dat de indiener een actueel en reëel belang moet hebben bij de inhoudelijke beoordeling. Omdat de betrokkene is verhuisd, is het procesbelang vervallen.
Eiseres voerde aan dat een principe-uitspraak gewenst is en dat de last aanleiding was voor het opzeggen van de huurovereenkomst, met kosten die zij wil verhalen. De rechtbank oordeelt echter dat dit geen eigen belang van eiseres is en dat de schade niet aannemelijk is veroorzaakt door de last onder dwangsom zelf.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk, waardoor het niet inhoudelijk wordt behandeld en eiseres geen griffierecht of proceskosten vergoed krijgt.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na verhuizing van betrokkene.