De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 2 september 2025 het klaagschrift van de eigenaar van een Audi RS Q8, waarin teruggave van de inbeslaggenomen auto werd gevorderd. De auto was op 29 december 2024 in beslag genomen vanwege de aanwezigheid van een illegale kilometerblokker, die op 6 januari 2025 door de politie was verwijderd. Klager stelde geen betrokkenheid bij de plaatsing van de blokker te hebben en betoogde dat het voertuig zonder blokker veilig in het verkeer kon deelnemen.
De officier van justitie stelde dat het bezit van een voertuig met een kilometerblokker in strijd is met het algemeen belang, omdat de integriteit van de voertuigregistratie en verkeersveiligheid in het geding zijn. De rechtbank oordeelde dat ondanks verwijdering van de blokker, niet kan worden vastgesteld of de werkelijke kilometerstand achterhaald kan worden, waardoor fraude en onduidelijkheid over de technische staat van de auto blijven bestaan.
De rechtbank concludeerde dat het voortduren van het beslag gerechtvaardigd is vanwege het strafvorderlijk belang en het risico voor verkeersveiligheid en integriteit van het handelsverkeer. Het klaagschrift werd daarom ongegrond verklaard. De rechtbank wees tevens op het ontbreken van objectieve onderbouwing voor het betoog van disproportionaliteit door klager en benadrukte dat zij geen voorwaarden kan verbinden aan teruggave van het beslag.
Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.