Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 oktober 2025 in de zaak tussen
[eiser 1] en [eiser 2], uit [plaats], eisers
Samenvatting
Procesverloop
Waar gaat deze zaak over?
Beoordeling door de rechtbank
- van 4 mei tot en met 17 mei – 14 dagen van € 23,-
- van 15 mei tot en met 31 mei – 14 dagen van € 35,-
- van 1 juni tot en met 9 juni – 9 dagen van € 45,-
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de bestreden besluiten I en II;
- herroept het primair besluit van 31 oktober 2023;
- draagt het college op binnen acht weken een nieuw besluit te nemen op het handhavingsverzoek van derde partij met inachtneming van deze uitspraak;
- stelt de hoogte van de door het college aan eiser, ter zake van het niet tijdig beslissen eisers bezwaar, verschuldigde dwangsom op € 1.217,-;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 187,- aan eisers te vergoeden;
- veroordeelt het college in de proceskosten van eisers tot een bedrag van € 737,70.