ECLI:NL:RBZWB:2025:7258
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde vrijstaande woning in gemeente Drimmelen
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn vrijstaande woning, gelegen in gemeente Drimmelen, met een waardepeildatum van 1 januari 2022. De heffingsambtenaar stelde de waarde vast op €446.000 en handhaafde deze na bezwaar. De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeeld of de waarde te hoog is vastgesteld.
De rechtbank concludeert dat de heffingsambtenaar aan zijn informatieplicht heeft voldaan door het taxatieverslag te overleggen en voldoende inzicht te geven in de waardering. De waardebepaling is gebaseerd op de vergelijkingsmethode met drie referentiewoningen die qua ligging, bouwjaar en verkoopdatum vergelijkbaar zijn. De heffingsambtenaar heeft de verschillen tussen de woningen en de woning van belanghebbende adequaat verwerkt, onder meer door het toepassen van KOUDV-factoren en het toekennen van afzonderlijke waarden aan onderdelen zoals garage en berging.
Belanghebbende heeft de vergelijkbaarheid van de referentiewoningen niet betwist en geen tegenbewijs geleverd. De rechtbank acht de gehanteerde waarde van €446.000 niet te hoog vastgesteld en verklaart het beroep ongegrond. De WOZ-waarde en de aanslag OZB blijven daarmee gehandhaafd. Belanghebbende krijgt geen proceskostenvergoeding en het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van €446.000 blijft gehandhaafd.