ECLI:NL:RBZWB:2025:8048
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering van WIA-uitkering na schending van inlichtingenplicht door eiser
In deze uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 18 november 2025, wordt de herziening en terugvordering van de WIA-uitkering van eiser behandeld. Eiser had zijn inlichtingenplicht geschonden door niet te melden dat hij meer uren werkte dan bij het UWV bekend was. Het UWV had echter een onjuiste schatting gemaakt van de gewerkte uren voor de periode van 1 maart 2022 tot en met 31 maart 2023. De rechtbank oordeelt dat eiser deels gelijk krijgt, omdat de herziening en terugvordering over deze periode niet standhouden. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt het UWV op om een nieuw besluit te nemen, waarbij de herziening is gebaseerd op een schatting van 20 uur per week à het minimumloon. Eiser krijgt ook een vergoeding van zijn proceskosten van € 1.814,- en het griffierecht van € 51,- moet door het UWV worden vergoed. De uitspraak benadrukt de verantwoordelijkheden van zowel het UWV als de eiser in het kader van de Wet WIA en de gevolgen van het niet nakomen van de inlichtingenplicht.