In de memorie van toelichting bij de wijziging van de Wet KSBis met betrekking tot artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Wet KSB het volgende opgemerkt:
“
Het verstrekken van bonussen is een belangrijke vorm van marketing van kansspelen op afstand. Bonussen zijn onmisbaar voor een attractief legaal aanbod van kansspelen op afstand. (…) Bonussen zullen voor de aanbieder niet fiscaal aftrekbaar zijn en tellen daarom mee in de omvang van het bruto spelresultaat waarover belasting geheven wordt. Hiermee wordt voorkomen dat een prikkel wordt gecreëerd voor vergunninghouders om onbeperkt bonussen te verstrekken.
(…)
De voorgestelde vormgeving van deze heffing van kansspelbelasting sluit aan bij de heffingswijze die thans geldt voor binnenlandse kansspelen die via het internet worden gespeeld, voor landgebonden casinospelen en voor kansspelautomatenspelen, namelijk heffing bij de aanbieder over het bruto spelresultaat (inleg minus prijzen alsmede de vergoeding voor het geven van gelegenheid tot deelname aan kansspelen).
(…)
Om die reden wordt voorgesteld als grondslag voor de kansspelen op afstand aan te houden het zogeheten bruto spelresultaat. In het eerste subonderdeel van artikel 33e, tweede lid, is dit omschreven als het verschil tussen de ontvangen inzetten en de uitgekeerde prijzen. Tot de inzetten worden hierbij ook gerekend de speeltegoeden die de vergunninghouder de speler gratis ter beschikking stelt om mee te kunnen spelen (bonussen). Deze worden niet gerekend tot de prijzen, aangezien zij door de speler niet te gelde kunnen worden gemaakt.
(…)
Onder de huidige Wet KSB is de belastinggrondslag voor kansspelen waarop artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Wet KSB, van toepassing is het verschil tussen de in een tijdvak (kalendermaand) ontvangen inzetten en de ter beschikking gestelde prijzen, oftewel het bruto spelresultaat, tenzij een ander dan de belastingplichtige de prijzen ter beschikking stelt. Als een ander de prijzen ter beschikking stelt, is hetgeen in een tijdvak (kalendermaand) ontvangen wordt voor het geven van gelegenheid tot deelneming aan casinospelen of tot deelneming aan binnenlandse kansspelen welke via het internet worden gespeeld de belastinggrondslag. Hetgeen ontvangen wordt voor het geven van de gelegenheid tot het deelnemen aan kansspelen kan bijvoorbeeld de toernooifee voor pokertoernooien zijn, de rake voor pokercashgames, de commissie voor het geven van de gelegenheid tot het spelen van baccarat of de commissie voor het geven van de gelegenheid om met andere spelers weddenschappen af te sluiten. In de praktijk is het niet altijd duidelijk wie de prijs ter beschikking stelt en dus wat de juiste belastinggrondslag is. Ook komt het, met name bij kansspelen op internet, voor dat degene die de prijs ter beschikking stelt tevens een vergoeding ontvangt voor het geven van gelegenheid tot deelname aan het kansspel. Het bruto spelresultaat is dan vaak nihil. De aanbieder genereert zijn inkomsten uit de vergoeding. Naar de huidige tekst van artikel 3, eerste lid, onderdeel a, is de belastinggrondslag dan nihil, terwijl degene die het kansspel aanbiedt wel inkomsten genereert. Om een einde te maken aan de discussie wie de prijzen ter beschikking stelt, en om te voorkomen dat een belastinggrondslag ontbreekt, wordt na inwerkingtreding van deze wetswijziging zowel het bruto spelresultaat als de vergoeding voor het geven van gelegenheid tot deelneming aan kansspelen belast. Voor de bepaling van de belastinggrondslag is het niet van belang of de belastingplichtige dan wel een ander de inzetten ontvangt, de prijzen ter beschikking stelt of de vergoeding voor het geven van gelegenheid tot deelneming aan kansspelen ontvangt.”