ECLI:NL:RBZWB:2026:184
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling heffing kansspelbelasting over bonussen bij online kansspelen
Belanghebbende, houder van een vergunning voor het organiseren van online kansspelen, betwist de heffing van kansspelbelasting over de nominale waarde van bonussen die zij aan spelers verstrekt. Zij stelt dat bonussen geen inzet vormen en dat de heffing daarmee onterecht is.
De rechtbank overweegt dat de wetgever het begrip 'ontvangen inzetten' bewust ruim heeft opgevat en bonussen als inzet wil belasten om te voorkomen dat vergunninghouders onbeperkt bonussen verstrekken. De nominale waarde van de bonusinzetten is daarom relevant voor de heffing, ook al ontvangt belanghebbende bedrijfseconomisch geen inzet.
Verder oordeelt de rechtbank dat er geen sprake is van schending van het gelijkheidsbeginsel of discriminatieverboden, noch van een disproportionele inbreuk op eigendomsrechten. De beroepen worden ongegrond verklaard, en belanghebbende krijgt geen teruggave van betaalde kansspelbelasting of rente.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt dat kansspelbelasting terecht is geheven over de nominale waarde van bonussen bij online kansspelen.