ECLI:NL:RBZWB:2026:187
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kansspelbelasting over bonusinzetten bij online kansspelen
Belanghebbende, houder van een vergunning voor het organiseren van online kansspelen, heeft beroep ingesteld tegen de aanslagen kansspelbelasting over de maanden mei tot en met december 2024. Zij betwist dat de nominale waarde van bonusinzetten moet worden meegerekend bij de ontvangen inzetten waarover belasting wordt geheven.
De rechtbank overweegt dat de wettekst en wetsgeschiedenis duidelijk maken dat bonusinzetten als inzet moeten worden beschouwd, ook al ontvangt belanghebbende bedrijfseconomisch geen geld. De memorie van toelichting bij de invoering van kansspelen op afstand benadrukt dat bonussen onmisbaar zijn maar ook belast moeten worden om excessief gebruik te voorkomen.
Belanghebbendes argumenten over het ontbreken van economische waarde van bonussen en schending van het gelijkheidsbeginsel en artikel 1 EP Pro worden verworpen. De rechtbank stelt dat de heffing rechtmatig, voorzienbaar en evenredig is en dat geen sprake is van een individuele buitensporige last. De beroepen worden ongegrond verklaard en er is geen recht op rente of proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De beroepen tegen de aanslagen kansspelbelasting over bonusinzetten worden ongegrond verklaard.