Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 januari 2026 in de zaak tussen
[eiseres], uit [plaats 1], eiseres
Samenvatting
.Eiseres krijgt dus gelijk en het beroep is gegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart de beroepen tegen de bestreden besluiten I, II, III en IV niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep tegen bestreden besluit V gegrond en vernietigt dit besluit van 26 september 2025;
- bepaalt dat het dagloon voor de WIA-uitkering van eiseres per 21 november 2018 wordt vastgesteld op € 86,51 en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit van 26 september 2025;
- bepaalt dat het UWV het griffierecht van € 48,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt het UWV tot betaling van € 4.834,68,- aan proceskosten aan eiseres.