ECLI:NL:RBZWB:2026:514

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
22 januari 2026
Publicatiedatum
29 januari 2026
Zaaknummer
25/2955 WET
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:10 AwbArt. 7:11 AwbArt. 7:13 AwbArt. 9 WegenwetArt. 11 Wegenwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang na herroeping besluit onttrekking weg

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad van Tilburg om een straat aan het openbaar verkeer te onttrekken. De gemeenteraad heeft het bezwaar van eiseres gegrond verklaard, het primaire besluit herroepen en de uniforme openbare voorbereidingsprocedure (UOV-procedure) opgestart. De inhoudelijke bezwaren van eiseres worden als zienswijze meegenomen in deze procedure.

De rechtbank beoordeelt dat het beroep niet-ontvankelijk is omdat eiseres geen procesbelang heeft. Het besluit dat zij betwist, bestaat niet meer doordat het primaire besluit is herroepen. De gemeenteraad moet opnieuw beslissen via de UOV-procedure, waarin eiseres haar argumenten kan inbrengen. Hierdoor is behandeling van het beroep overbodig.

Eiseres voerde meerdere beroepsgronden aan, waaronder strijd met artikel 7:11 Awb Pro, onzorgvuldige voorbereiding, ondeugdelijke motivering en vooringenomenheid. De rechtbank gaat niet inhoudelijk op deze gronden in vanwege de niet-ontvankelijkheid. Het beroep wordt afgewezen en het griffierecht wordt niet teruggegeven.

De uitspraak is gedaan door rechter A.G.J.M. de Weert op 22 januari 2026 en openbaar gemaakt. Eiseres kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang na herroeping van het primaire besluit.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Zittingsplaats Breda
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 25/2955 WET

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 januari 2026 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [plaats] , eiseres

(gemachtigde: [gemachtigde] ),
en

de raad van de gemeente Tilburg (de gemeenteraad), verweerder.

Samenvatting

1.1.
Deze uitspraak gaat over een door de gemeenteraad gegrond verklaard bezwaar van eiseres. De gemeenteraad heeft het primaire besluit herroepen en de uniforme openbare voorbereidingsprocedure (UOV-procedure) opgestart. De inhoudelijke bezwaren van eiseres worden meegenomen als zienswijze bij de te volgen UOV-procedure. Eiseres is het niet eens met dit besluit. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de ontvankelijkheid van het beroep.
1.2.
De rechtbank is van oordeel dat het beroep niet-ontvankelijk is, omdat eiseres geen belang heeft bij het instellen van het beroep. Eiseres krijgt dus geen gelijk. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de gemeenteraad van 16 april 2025 (bestreden besluit) inzake de onttrekking van [straat] te Tilburg aan het openbaar verkeer.
De gemeenteraad heeft gereageerd op het beroep met een verweerschrift.
De rechtbank heeft het beroep op 5 november 2025 op zitting behandeld. Namens eiseres zijn haar gemachtigde en [naam] verschenen. Verder was mr. S.N. van de Heijkant namens de gemeenteraad aanwezig.
De rechtbank heeft de termijn voor het doen van uitspraak verlengd.

Beoordeling door de rechtbank

Feiten en omstandigheden
2. Met het besluit van 11 oktober 2024 (primair besluit) heeft de gemeenteraad [straat] onttrokken aan het openbaar verkeer.
Eiseres heeft op 11 november 2024 bezwaar gemaakt tegen dit besluit.
Met het bestreden besluit is het bezwaar van eiseres gegrond verklaard. De gemeenteraad heeft besloten om het advies van de beroep- en bezwarencommissie te volgen en het primaire besluit te herroepen.
Met het besluit van 19 mei 2025 heeft de gemeenteraad het voornemen om [straat] aan het openbaar verkeer te onttrekken gepubliceerd en opengesteld voor het indienen van zienswijzen.
Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingediend.
Het bestreden besluit
3.1.
De gemeenteraad heeft aan het bestreden besluit ten grondslag gelegd dat het bezwaar van eiseres gegrond is ten aanzien van de gevolgde voorbereidingsprocedure. Als geen sprake is van een ambtshalve beslissing maar een verzoek van een derde moet bij de voorbereiding van het besluit de UOV-procedure in de zin van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) worden gevolgd. [1] Dat is niet gebeurd.
3.2.
Bij het herroepen van een besluit in bezwaar moet normaal gesproken tegelijkertijd een nieuw besluit worden genomen. [2] Dat is hier nog niet mogelijk omdat bij het volgen van de UOV-procedure diverse wettelijke procedurevoorschriften moeten worden gevolgd. Aan eiseres is verzocht om toestemming om in afwachting daarvan het nemen van de beslissing op bezwaar aan te houden. Eiseres is hiermee niet akkoord gegaan. Om die reden is beslist op het bezwaar van eiseres inhoudende dat de UOV-procedure alsnog wordt opgestart. De inhoud van het bezwaarschrift van eiseres wordt als zienswijze meegenomen in de UOV-procedure.
Beroepsgronden
4.1.
Eiseres voert aan dat het bestreden besluit in strijd met artikel 7:11 Awb Pro is. Het bestreden besluit voorziet niet in een algehele heroverweging van het bezwaarschrift. Ingevolge artikel 7:10, eerste lid, in samenhang met artikel 7:11 Awb Pro is de gemeenteraad gehouden om binnen de beslistermijn een vervangend besluit te nemen. Dat de gemeenteraad vindt dat binnen de gestelde termijnen geen mogelijkheid bestaat om de voorgeschreven wettelijke procedure te doorlopen, is geen aanleiding voor een ander oordeel.
4.2.
Verder is het bestreden besluit volgens eiseres onzorgvuldig voorbereid, omdat eiseres niet is gehoord en is het bestreden besluit ondeugdelijk gemotiveerd. Het advies van de beroep- en bezwarencommissie is niet ondertekend. Daarnaast is de voorzitter van de beroep- en bezwarencommissie, de heer Van Overdijk, werkzaam bij de gemeente Tilburg. Daarmee voldoet het advies niet aan artikel 7:13, eerste lid, onder b van de Awb. Ten slotte is het bestreden besluit met vooringenomenheid genomen. Er is één ambtenaar betrokken bij diverse beslissingen inzake eiseres en in al deze gevallen is eiseres niet gehoord.
Oordeel van de rechtbank
Is sprake van een prematuur beroep?
5.1.
De gemeenteraad stelt zich primair op het standpunt dat sprake is van een prematuur beroep en dat daarom het beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard.
5.2.
Naar het oordeel van de rechtbank is geen sprake van een prematuur beroep, omdat naast het gegrond verklaren van het bezwaar van eiseres ook het primaire besluit is herroepen. De gemeenteraad moet opnieuw beslissen op de aanvraag van TenneT TSO B.V. om [straat] aan de openbaarheid te onttrekken. Behandeling van het beroep kan dus ook zien op de vraag of de gemeenteraad terecht heeft besloten dat er opnieuw op de aanvraag moet worden beslist.
Procesbelang
6.1.
Subsidiair heeft de gemeenteraad zich op het standpunt gesteld dat geen sprake is van een voldoende procesbelang.
6.2.
De vraag naar het procesbelang is van openbare orde. Of een partij nog belang heeft bij behandeling van zijn beroep, wordt daarom ambtshalve beoordeeld. De vraag of sprake is van procesbelang dient te worden beantwoord naar de stand van zaken op het moment waarop het beroep wordt beoordeeld. Het procesbelang is het belang dat iemand heeft bij de uitkomst van een door hem ingestelde bezwaar of beroepsprocedure. Daarbij gaat het er niet om of hij gelijk heeft, maar of hij een reëel en actueel belang heeft bij het gelijk, als hij dat zou hebben. [3] Procesbelang is een voorwaarde voor ontvankelijkheid.
6.3.
De rechtbank is van oordeel dat eiseres geen belang heeft bij de behandeling van haar beroep. Eiseres heeft naar aanleiding van haar bezwaarschrift gelijk gekregen, het bezwaar is gegrond verklaard en het primaire besluit is herroepen. Daarmee bestaat het besluit dat eiseres niet wil (de onttrekking van [straat] aan het openbaar verkeer) niet meer. De gemeenteraad heeft bepaald dat de UOV moet worden gevolgd. Daarin kan eiseres haar zienswijze over de onttrekking van de weg aan het openbaar verkeer opnieuw naar voren brengen. Dit is echter niet nodig, omdat ook is bepaald dat de inhoudelijke argumenten die door eiseres in bezwaar zijn aangevoerd, als zienswijze betrokken zullen worden in de te volgen UOV. Eiseres hoeft deze argumenten dus niet opnieuw naar voren te brengen.

Conclusie en gevolgen

7. Het beroep is niet-ontvankelijk. De rechtbank beoordeelt dus de zaak niet inhoudelijk. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.J.M. de Weert, rechter, in aanwezigheid van
mr. S.C.J.J. van Roij, griffier, op 22 januari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving

Algemene wet bestuursrecht
Artikel 7:10, eerste lid
Het bestuursorgaan beslist binnen zes weken of – indien een commissie als bedoeld in artikel 7:13 is Pro ingesteld – binnen twaalf weken, gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken.
Artikel 7:11
1. Indien het bezwaar ontvankelijk is, vindt op grondslag daarvan een heroverweging van het bestreden besluit plaats.
2. Voor zover de heroverweging daartoe aanleiding geeft, herroept het bestuursorgaan het bestreden besluit en neemt het voor zover nodig in de plaats daarvan een nieuw besluit.
Artikel 7:13, eerste lid
1. Dit artikel is van toepassing indien ten behoeve van de beslissing op het bezwaar een adviescommissie is ingesteld:
die bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden,
waarvan de voorzitter geen deel uitmaakt van en niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan en
die voldoet aan eventueel bij wettelijk voorschrift gestelde andere eisen.
Wegenwet
Artikel 9
1. Een weg, niet behoorende tot de in artikel 8 bedoelde Pro, kan aan het openbaar verkeer worden onttrokken bij een besluit van den raad der gemeente, waarin de weg is gelegen.
2. Het besluit, bedoeld in het eerste lid, wordt meegedeeld aan Gedeputeerde Staten.
Artikel 11, tweede lid
Op de voorbereiding van de beslissing op het verzoek is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

Voetnoten

1.Artikel 9 jo Pro. artikel 11 Wegenwet Pro.
2.Artikel 7:11, tweede lid, Awb.
3.Bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) van 14 december 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3757.