ECLI:NL:RBZWO:2002:AE6453
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C. Moorman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen WAO-uitkering wegens overschrijding termijn ondanks taalbarrière
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV tot toekenning van een WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheid van 15-25%, maar dit bezwaar werd niet tijdig ingediend. Eiser beriep zich op psychische klachten die hem verhinderden het bezwaar op tijd in te dienen en op het feit dat hij en zijn echtgenote de Nederlandse taal niet beheersen.
De rechtbank overwoog dat, ook indien eiser door zijn psychische klachten niet in staat was zijn belangen te behartigen, van zijn echtgenote mocht worden verwacht dat zij tijdig een vertaling van het besluit zou regelen. Het niet beheersen van de Nederlandse taal door de echtgenote leidt volgens de rechtbank niet tot een verschoonbare termijnoverschrijding, zeker niet omdat zij daadwerkelijk een vertaling heeft laten maken, maar te laat.
De rechtbank stelde dat het UWV niet verplicht was een vertaling van het besluit toe te zenden en dat eiser zelf binnen een redelijke termijn voor vertaling had moeten zorgen om nog tijdig bezwaar te kunnen maken. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard en het bezwaar niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen het WAO-besluit wordt ongegrond verklaard vanwege niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.