ECLI:NL:RVS:2000:AB0009
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H.B. van der Meer
- H.W. Groeneweg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking bouwvergunning
Verzoekers hadden bezwaar gemaakt tegen de bouwvergunning verleend op 17 februari 1998 voor verbouwing en uitbreiding van een woning. Na ongegrondverklaring van het bezwaar en afwijzing van beroep door de rechtbank, stelde verzoekers hoger beroep in bij de Raad van State.
Tijdens het hoger beroep trok de gemeente het oorspronkelijke besluit in en verleende een nieuwe vergunning, waarna verzoekers hun beroep introkken en proceskostenvergoeding vorderden. De Raad beoordeelde of de intrekking van het besluit kon worden gezien als tegemoetkomen aan de bezwaren van verzoekers in de zin van artikel 8:75a Awb.
De Raad oordeelde dat de intrekking niet op de gronden van verzoekers was gebaseerd, maar voortkwam uit een nieuw bouwplan zonder de eerdere norm van 15% oppervlakte. Daarom kon geen proceskostenvergoeding worden toegewezen. Ook is geen bevoegdheid voor vergoeding van griffierecht aanwezig.
Het verzoek om proceskostenvergoeding en griffierechtvergoeding werd dan ook afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding en griffierechtvergoeding wordt afgewezen omdat geen sprake is van tegemoetkomen aan de bezwaren.