ECLI:NL:RVS:2002:AE4344
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- J.H. Roelfsema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit tegen strijdig gebruik bedrijfsruimte en woonruimte in agrarisch bestemmingsplan
Burgemeester en wethouders van Boxtel legden appellant dwangsommen op om het gebruik van een bedrijfsruimte voor opslag van aannemersmaterialen en het gebruik van inpandige woonruimte anders dan als agrarische dienstwoning te staken, omdat dit in strijd was met het bestemmingsplan "Buitengebied 1995". Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad van State bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat burgemeester en wethouders bevoegd waren tot het opleggen van dwangsommen en dat de motivering van het besluit voldoende was. Het bestemmingsplan voorziet in een verbod op strijdig gebruik, met overgangsrecht voor bestaande agrarische bedrijfswoningen.
Appellant voerde aan dat onvoldoende gelegenheid was geweest tot verweer en dat het pand niet bruikbaar was voor agrarisch gebruik, maar deze bezwaren werden verworpen. De Afdeling stelde dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren die handhaving in de weg stonden en dat het algemeen belang zwaarder woog dan het belang van appellant. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het dwangsombesluit wordt bevestigd.