ECLI:NL:RVS:2002:AE6712
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering legalisatie geboorteakten wegens twijfel aan juistheid en verificatiebeleid
Appellante verzocht de minister van Buitenlandse Zaken om legalisatie van geboorteakten en een ongehuwdverklaring, welke geweigerd werd vanwege twijfel aan de juistheid van de documenten uit het buitenland en het ontbreken van verificatie.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. Appellante stelde dat zij niet tijdig kennis kon nemen van belangrijke stukken van het verificatieonderzoek, wat de besluitvorming onzorgvuldig maakte. De Raad van State oordeelde dat appellante wel in bezwaar en beroep kennis had kunnen nemen van de stukken, zij het geanonimiseerd, en dat dit geen onzorgvuldigheid opleverde.
Verder werd geoordeeld dat de beperking van kennisneming van stukken niet in strijd is met artikel 6 EVRM Pro, omdat de nationale wetgever beperkingen mag stellen ter bescherming van het algemeen belang, mits het eerlijke proces niet in essentie wordt aangetast.
Appellante's verzoek om nader onderzoek naar aanvullende documenten werd afgewezen omdat dit geen twijfel zou wegnemen. Ook het argument dat eerdere legalisatie van een geboorteakte een ander oordeel zou rechtvaardigen, werd verworpen.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering tot legalisatie bevestigd.