ECLI:NL:RVS:2002:AF6068
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- M. Vlasblom
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende bewijs identiteit en reisroute
De staatssecretaris van Justitie wees de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel af wegens het niet aannemelijk maken van de identiteit, nationaliteit en reisroute. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit. Zowel de staatssecretaris als de vreemdeling gingen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep van de vreemdeling niet-ontvankelijk was omdat het geen nieuwe grieven bevatte, maar slechts herhaling van eerdere standpunten. De staatssecretaris stelde terecht dat het ontbreken van reis- en identiteitspapieren aan de vreemdeling kon worden toegerekend, mede door tegenstrijdigheden in haar verklaringen.
Daarnaast was de stelling dat de vreemdeling als alleenstaande vrouw geen verblijfsalternatief had in Somalië niet aannemelijk, omdat zij destijds met familie naar Kenia was vertrokken. De Raad van State vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling is niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, waardoor het beroep ongegrond is verklaard.