ECLI:NL:RVS:2004:AO8874
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- R.H. Lauwaars
- J.G.C. Wiebenga
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid bezwaar en toekenning proceskosten in bestuursdwangzaak Ontgrondingenwet
Appellante maakte bezwaar tegen een bestuursdwangbeschikking van gedeputeerde staten Overijssel, waarin zij werd verplicht een milieukundig onderzoek uit te voeren en bagger te verwijderen vanwege een overtreding van de Ontgrondingenwet. Het bezwaar werd door verweerder niet-ontvankelijk verklaard wegens vermeend ontbreken van procesbelang.
De Raad van State oordeelt dat appellante wel degelijk belang heeft bij een heroverweging van het primaire besluit, mede vanwege haar verzoek om vergoeding van proceskosten. Verweerder legde een onjuiste maatstaf aan door te stellen dat het besluit niet onrechtmatig was genomen, terwijl volgens de Awb herroeping moet plaatsvinden bij aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart het beroep gegrond, vernietigt het besluit van 23 september 2003 en veroordeelt gedeputeerde staten tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. Hiermee wordt het belang van zorgvuldige besluitvorming en correcte toepassing van bezwaarprocedures benadrukt.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit niet-ontvankelijkheid bezwaar wordt vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.