ECLI:NL:RVS:2004:AP8382
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- B.J. van Ettekoven
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning voor wijziging beschermd monument Hoge Nieuwstraat 27 Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag verleende op 22 april 2002 een vergunning voor het aanbrengen van een anker in de gevel van het beschermde monument Hoge Nieuwstraat 27 ten behoeve van hangverlichting. Appellanten, waaronder een bewoner tegenover het pand en een buitenlandse vennootschap, maakten bezwaar tegen deze vergunning. De rechtbank verklaarde hun beroepen ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat appellante sub 1 als belanghebbende moest worden aangemerkt, omdat zij direct zicht heeft op het monument en de wijziging. Het college mocht de vergunning aan de eigen gemeentelijke dienst verlenen, aangezien deze dienst belanghebbende is in het kader van de openbare verlichting. Het aanbrengen van het anker werd beschouwd als een wijziging waarvoor vergunning vereist is, niet als een beschadiging die verboden is zonder vergunning.
Verder werd geoordeeld dat de geringe inbreuk op de monumentale waarde niet voldoende was om de vergunning te weigeren, mede omdat deskundigen positief adviseerden en appellanten geen tegenrapport hadden overgelegd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellanten wordt ongegrond verklaard en de vergunning voor het aanbrengen van het anker bevestigd.