ECLI:NL:RVS:2005:AS8391
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- J.H.B. van der Meer
- M. Vlasblom
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen waarschuwing beëindiging lidmaatschap gemeenteraad wegens niet-ingezetenschap
Appellant werd door het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad gewaarschuwd dat hij met ingang van 3 december 2004 ophoudt lid te zijn van de gemeenteraad omdat hij niet langer aan de vereisten voor het lidmaatschap voldoet. Het college baseerde dit op onderzoek waaruit bleek dat appellant zijn werkelijke woonplaats niet in Zaanstad had, maar in een andere gemeente.
Appellant stelde dat hij ook woonachtig was in Zaanstad, maar de Raad van State oordeelde dat de wet niet toestaat dat iemand gelijktijdig ingezetene is van meer dan één gemeente. Daarnaast had appellant nagelaten de vereiste kennisgeving aan de gemeenteraad te doen. Het college had daarom terecht een waarschuwing gegeven conform de Kieswet.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Het besluit van het college werd daarmee bekrachtigd.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de waarschuwing beëindiging lidmaatschap gemeenteraad wegens niet-ingezetenschap is ongegrond verklaard.