ECLI:NL:RVS:2005:AT9673
Raad van State
- Hoger beroep
- E.M.H. Hirsch Ballin
- H.G. Lubberdink
- M.A.A. Mondt-Schouten
- Rechtspraak.nl
Weigering vrijstelling exploitatie broodjeszaak op perceel met winkelbestemming
Appellant, het college van burgemeester en wethouders van Reimerswaal, heeft bij besluit van 5 maart 2004 geweigerd toestemming te verlenen aan wederpartij om een broodjeszaak te exploiteren op een perceel met de bestemming 'Winkels met bijbehorende erven'. Dit werd opgevat als een weigering van vrijstelling van het bestemmingsplan. De voorzieningenrechter had het beroep van wederpartij gegrond verklaard en het besluit op bezwaar vernietigd.
In hoger beroep stelt appellant dat de voorzieningenrechter ten onrechte oordeelde dat verkeerde informatie was verstrekt over de mogelijkheid tot exploitatie van een broodjeszaak. De Raad van State oordeelt dat de mededeling van de gemeente slechts toestond dat een broodjeszaak binnen de toegestane detailhandelsdoeleinden viel, maar geen toestemming gaf voor een horecavoorziening.
De Afdeling bestuursrechtspraak benadrukt dat een horecabedrijf zich onderscheidt doordat daar ter plaatse dranken en etenswaren worden verstrekt om te nuttigen, wat ook geldt voor de broodjeszaak ondanks het verwijderen van tafels en stoelen. Het college heeft daarom terecht geweigerd vrijstelling te verlenen. De uitspraak van de voorzieningenrechter wordt vernietigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de wederpartij wordt ongegrond verklaard en de weigering van vrijstelling voor het exploiteren van een broodjeszaak op het perceel bevestigd.