ECLI:NL:RVS:2006:AY3667
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake ligplaatsvergunning woonschip wegens onzorgvuldige vaststelling ligplaatsenplan
Appellant had een vergunning gekregen voor een ligplaats met zijn woonschip aan de Rijn, maar het college van burgemeester en wethouders van Leiden herroept deze vergunning na bezwaar vanwege overschrijding van het maximale aantal ligplaatsen volgens het ligplaatsenplan.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat de rechtbank ten onrechte voorbijging aan het betoog van appellant dat het college het ligplaatsenplan onzorgvuldig heeft toegepast. De Afdeling oordeelt dat het ligplaatsenplan onzorgvuldig tot stand is gekomen omdat de uitbreiding van vijf naar zes ligplaatsen niet adequaat is voorbereid en gecommuniceerd.
De Afdeling vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, bevestigt de weigering van de ligplaatsvergunning en gelast de gemeente Leiden het griffierecht aan appellant te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep ongegrond verklaard wegens onzorgvuldige vaststelling van het ligplaatsenplan.