Uitspraak
200410064/1, JV 2005/388) wordt het zogeheten terugkeergesprek met de Immigratie- en Naturalisatiedienst (hierna: de IND) gevoerd om te beoordelen of sprake is geweest van zodanige inspanningen, dat voortzetting van de verstrekkingen gerechtvaardigd is. Indien de vreemdeling niet kan aantonen dat hij alle activiteiten heeft verricht ten behoeve van terugkeer of vertrek naar het land van herkomst die redelijkerwijs van hem kunnen worden verlangd, wordt daarvan mededeling gedaan aan het college met het verzoek de verstrekkingen aan de desbetreffende vreemdeling te beëindigen.