ECLI:NL:RBUTR:2006:AX8058
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. Heijboer
- S. Wijna
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging ROA-verstrekkingen wegens onvoldoende voorlichting
Eiser betwist het besluit van 8 november 2005 waarbij het bezwaar tegen de beëindiging van ROA-verstrekkingen ongegrond werd verklaard. De verstrekkingen waren beëindigd omdat de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) had vastgesteld dat eiser onvoldoende meewerkte aan zijn terugkeer naar het land van herkomst.
De rechtbank onderzocht of het besluit rechtsgeldig en zorgvuldig tot stand was gekomen. Hoewel de bevoegdheden van het College van burgemeester en wethouders van Woerden rechtsgeldig waren overgedragen aan het COA en het besluit door de algemeen directeur namens het bestuur was genomen, bleek dat niet aannemelijk was dat eiser voorafgaand aan het terugkeergesprek op 24 februari 2003 de vereiste informatiebrief had ontvangen. Deze brief bevatte essentiële informatie over de medewerkingsverplichting en de consequenties van niet-meewerken.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet mocht afgaan op het advies van de IND dat eiser niet meewerkte, omdat eiser niet zorgvuldig was geïnformeerd conform het advies van de Commissie Van Dijk. Hierdoor was het besluit in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel (art. 3:2 Awb Pro) en werd het vernietigd. Tevens werd de schorsing van het primaire besluit verlengd tot zes weken na een nieuw besluit op bezwaar. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van ROA-verstrekkingen wordt vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel.