ECLI:NL:RVS:2007:BA1683
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- A.L.M. Steinebach-de Wit
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bouwvergunning en vrijstelling voor schuur op perceel te Papendrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Papendrecht weigerde op 2 maart 2004 appellant een vrijstelling en reguliere bouwvergunning voor het bouwen van een schuur op een perceel te Papendrecht. Appellant maakte bezwaar, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank Dordrecht verklaarde het beroep van appellant eveneens ongegrond. Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bouwplan niet onder het overgangsrecht valt omdat de relevante bouwwerken op het perceel vóór het plan van uitbreiding waren gesloopt en dus niet meer bestonden ten tijde van het beroep. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat het advies van de adviescommissie geen rechtens te honoreren verwachtingen schept. Ook het betoog over een nabijgelegen hijskraan leidde niet tot een ander oordeel.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de bouwvergunning en vrijstelling wordt bevestigd.