Uitspraak
200507068/1, AB 2006, 318), mag de minister bij stukken die aan ambtsberichten als hier aan de orde ten grondslag hebben gelegen, in het algemeen de belangen genoemd in artikel 10, tweede lid, van de Wob zwaarder laten wegen dan het algemeen belang van openbaarheid van overheidsinformatie. Gelet hierop en op de inhoud van de passages, is de Afdeling met de rechtbank van oordeel dat de minister bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid openbaarmaking van deze passages achterwege heeft kunnen laten. Voorts heeft de rechtbank met juistheid overwogen dat de minister, gelet op het bepaalde in artikel 11, eerste lid, van de Wob, de weggelakte passages in de documenten bestemd voor intern beraad terecht niet openbaar heeft gemaakt. Het betoog van appellant faalt derhalve.