Uitspraak
200407932/1, hierin reeds voorziet. Volgens appellanten had verweerder daarom moeten volstaan met het vaststellen van een datum waarop met de sanering moet worden aangevangen.
200407932/1. Anders dan appellanten hebben aangevoerd is in de uitspraak uitsluitend geoordeeld dat verweerder de deellocatie Gooiberg ten onrechte als afzonderlijk geval van verontreiniging heeft beschouwd, daar de verontreiniging zich mede uitstrekt tot het speelveld en een gedeelte van de begraafplaats. In de uitspraak is niet geoordeeld dat het een urgent geval van verontreiniging betreft. Deze beroepsgrond mist feitelijke grondslag.