ECLI:NL:RVS:2007:BB7836
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- K. Brink
- J.G.C. Wiebenga
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vergunning voor lozing afvalwater op Hollandsche IJssel afgewezen
Verweerder heeft aan vergunninghoudster een vergunning verleend voor het lozen van afvalwater op de Hollandsche IJssel voor een periode van drie jaar. Appellante sub 1 en sub 2 hebben tegen dit besluit beroep ingesteld. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het beroep van appellante sub 1 niet-ontvankelijk verklaard omdat zij niet als belanghebbende kon worden aangemerkt; de lozingen vinden plaats op aanzienlijke afstand van haar werkgebied en kunnen het leefmilieu aldaar niet beïnvloeden.
Het beroep van appellanten sub 2 is inhoudelijk beoordeeld. Diverse beroepsgronden, waaronder vermeende vooringenomenheid van verweerder, het niet betrekken van Europese regelgeving, onvoldoende bescherming bij calamiteiten en het niet beschikbaar stellen van gelden voor contra-expertise, zijn verworpen. De Afdeling oordeelde dat verweerder een zekere beoordelingsvrijheid toekomt en dat de vergunning voldoende bescherming biedt.
Uiteindelijk verklaarde de Raad van State het beroep van appellanten sub 2 ongegrond en wees het beroep van appellante sub 1 af wegens niet-ontvankelijkheid. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van appellante sub 1 is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep van appellanten sub 2 ongegrond.