ECLI:NL:RVS:2008:BC2507
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- W. Konijnenbelt
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Raad van State bevestigt tijdelijke bouwvergunning dagopvangunit voor verslaafde dak- en thuislozen in Rotterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam verleende op 18 januari 2007 een tijdelijke vrijstelling en bouwvergunning voor het plaatsen van een dagopvangunit voor verslaafde dak- en thuislozen nabij Couwenburg 69 te Rotterdam. Deze vergunning was geldig voor vijf jaar, tot uiterlijk 1 mei 2012. Appellanten stelden beroep in tegen dit besluit, waarna de voorzieningenrechter de besluiten van 10 april 2007 vernietigde en het college opdroeg opnieuw te beslissen.
In hoger beroep oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat het college bevoegd was om op grond van artikel 19, eerste lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) een tijdelijke vrijstelling te verlenen. De Afdeling acht de ruimtelijke onderbouwing toereikend en vindt dat de belangenafweging van het college, waarbij het algemeen belang zwaarder woog dan de bezwaren van omwonenden, redelijk is. Beheersmaatregelen zoals politiesurveillance en cameratoezicht waarborgen dat overlast beperkt blijft.
De Raad van State wijst het hoger beroep van de appellanten af en vernietigt de uitspraak van de voorzieningenrechter. Het hoger beroep van het college wordt gegrond verklaard, waarmee de vergunning en vrijstelling worden bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State verklaart het hoger beroep van het college gegrond en dat van appellanten ongegrond, en bevestigt de tijdelijke bouwvergunning en vrijstelling.