ECLI:NL:RVS:2008:BG3386
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. Oosting
- J.G.C. Wiebenga
- W.J. Deetman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging goedkeuring bestemmingsplan Landelijk Gebied Wormerland voor bouwvlak en schuur
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland had het bestemmingsplan Landelijk Gebied Wormerland goedgekeurd, waarin onder meer bestemmingen en bouwvlakken waren vastgesteld. Diverse appellanten maakten bezwaar tegen onderdelen van dit plan, waaronder het ontbreken van een woonbestemming voor een stolpboerderij, de ontsluiting van een chaletpark, en de toekenning van bouwvlakken en bestemmingen op agrarische percelen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het beroep van een appellant niet-ontvankelijk was wegens overschrijding van de beroepstermijn. De bezwaren tegen het niet toestaan van een derde dienstwoning werden ongegrond verklaard, omdat het provinciale beleid dit uitsluit en er geen noodzaak voor een derde dienstwoning bestond. Ook het bezwaar tegen het ontbreken van een eigen ontsluiting voor het chaletpark faalde, omdat het bestemmingsplan de aanleg van een tweede brug toestaat en permanente bewoning verboden is.
Wel werd geoordeeld dat het college en de raad het bestemmingsplan onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd hadden vastgesteld voor het bouwvlak naast het perceel van appellant sub 4, mede vanwege het ontbreken van een motivering en het feit dat het bouwvlak binnen een Vogelrichtlijngebied ligt. Ook werd vastgesteld dat de eerste schuur op het perceel van appellant sub 3 legaal was opgericht en dat het plan ten onrechte geen passende bestemming aan deze schuur gaf, wat strijdig was met het rechtszekerheidsbeginsel. Deze onderdelen van het besluit werden vernietigd en goedkeuring onthouden.
Ten slotte werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant sub 4 en tot vergoeding van griffierechten aan appellanten sub 3 en 4.
Uitkomst: Het besluit is deels vernietigd wegens strijd met zorgvuldigheids-, motiverings- en rechtszekerheidsbeginsel; goedkeuring onthouden voor bouwvlak en schuur; overige beroepen ongegrond of niet-ontvankelijk verklaard.