Uitspraak
200510500/1en
200507728/1, ten aanzien waarvan de Afdeling tot de conclusie is gekomen dat het handelingen van nuttige toepassing betreft.
Raad van State
De minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer maakte bezwaar tegen de voorgenomen overbrenging van 600.000 kg gechloreerde koolwaterstoffen van Eurowaste in België naar Akzo Nobel in Nederland. De minister stelde dat de afvalstoffen onjuist waren geclassificeerd als een handeling van nuttige toepassing (recycling) terwijl het volgens hem ging om verwijdering (verbranding op land).
Akzo Nobel en Eurowaste voerden aan dat de installatie (CKI) was ontworpen voor terugwinning van HCl en dat dit het hoofddoel was, niet verwijdering. Zij verwezen naar eerdere uitspraken waarin soortgelijke installaties als nuttige toepassing werden aangemerkt.
De Raad van State oordeelde dat het hoofddoel van de CKI verwijdering van afvalstoffen is, waarbij terugwinning van HCl slechts een gunstig neveneffect is. De minister mocht zich baseren op jurisprudentie van het Hof van Justitie en het beroep werd ongegrond verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en het besluit van de minister bleef gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van Akzo Nobel en Eurowaste wordt ongegrond verklaard en het bezwaar van de minister gehandhaafd.