ECLI:NL:RVS:2009:BG9030
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- W. van den Brink
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vergoeding planschade na vrijstelling bestemmingsplan
Appellant verzocht de gemeenteraad van Leidschendam-Voorburg om vergoeding van planschade wegens waardevermindering van zijn pand door een vrijstelling van het bestemmingsplan voor appartementencomplexen. De gemeenteraad wees dit verzoek af omdat de nadelige wijziging bij aankoop voorzienbaar was. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De kern van het geschil was of appellant en de rechtspersoon SIGMA als één entiteit moeten worden beschouwd, waardoor de voorzienbaarheid anders zou moeten worden beoordeeld. De Raad van State oordeelde dat alleen de formeel juridische eigenaar op het moment van aankoop, SIGMA, rechtstreeks door de planologische wijziging werd getroffen. Appellant had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij en SIGMA als één entiteit konden worden gezien.
De Raad benadrukte dat het bestuur van SIGMA uit meerdere leden bestond en dat beslissingen met meerderheid werden genomen. Het vermogen van SIGMA was juridisch gescheiden van dat van appellant. Hierdoor blijft de schade voor rekening van appellant omdat de verslechtering bij aankoop voorzienbaar was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de vergoeding van planschade bevestigd.