ECLI:NL:RVS:2009:BH0755
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel Tamils uit Sri Lanka ondanks aangekondigd vertrekmoratorium
De zaak betreft het hoger beroep van een Tamil uit Sri Lanka tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris had de aanvraag afgewezen en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De appellant stelde dat de opschorting van uitzettingen van Tamils naar Sri Lanka in afwachting van een leidend arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) en het aangekondigde onderzoek naar een vertrekmoratorium een wijziging van het recht vormden.
De Raad van State overwoog dat deze opschorting en het aangekondigde moratorium geen wijziging van het recht zijn, omdat zij geen betekenis hebben voor de beoordeling van de asielaanvraag. Dit volgt uit vaste jurisprudentie dat een moratorium betrekking heeft op afgewezen asielzoekers en niet op lopende aanvragen. De grief van de appellant faalt daarom.
Verder is vastgesteld dat eerdere besluiten van gelijke strekking niet opnieuw getoetst kunnen worden tenzij nieuwe feiten, omstandigheden of relevante wetswijzigingen zijn aangevoerd. De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd.