Uitspraak
200501078/1) moet bij de toetsing van een bouwplan aan een bestemmingsplan niet slechts worden bezien of het bouwwerk overeenkomstig de bestemming van het perceel kan worden gebruikt, doch mede of het bouwwerk ook met het oog op zodanig gebruik wordt opgericht. Dit houdt in dat een bouwwerk in strijd met de bestemming moet worden geoordeeld indien redelijkerwijs valt aan te nemen dat het bouwwerk uitsluitend of mede zal worden gebruikt voor andere doeleinden dan die waarin de bestemming voorziet.
200306005/1) dat het op de weg van [appellant] lag gegevens en bescheiden te verschaffen waaruit het college van zodanige overeenstemming met het bestemmingsplan had kunnen blijken. Dergelijke gegevens en bescheiden zijn door hem evenwel niet overgelegd. De volgens [appellant] reeds sinds 2001 bij het college bekende bedrijfsplannen, wat hier van zij, heeft het college, reeds vanwege het tijdsverloop, niet behoeven aan te merken als gegevens die voor de beslissing op de onderhavige aanvraag van belang zijn. Bovendien blijkt uit het door [appellant] als nader stuk overgelegde bedrijfsplan niet dat het plan ziet op 6 separate bedrijven, nu dit plan slechts ziet op een nieuw op te starten bedrijf op één van de naastgelegen percelen van het bestaande bedrijf van [appellant].