Uitspraak
200901091/1afwijzend heeft beslist. In dit verband wijst zij er op dat de onderzoeken naar de bodem en naar depositie uit de lucht van nikkel, die ten tijde van dat verzoek nog niet beschikbaar waren, thans gereed zijn. Hierbij wijst zij op het, in haar opdracht opgestelde, memo van DHV van 24 april 2009, de notitie van DHV van 10 juni 2009 en het conceptrapport van DHV van 26 mei 2009. Het memo en de notitie bevestigen volgens Top dat een aanzienlijke bron van nikkel in de depositie uit de lucht moet worden gevonden, terwijl het conceptrapport uitwijst dat de grond onder Top schoon is. Indien de bron van de verontreiniging in de in de inrichting opgeslagen stoffen zou liggen, zouden in het grondwater ook andere verontreinigingen dan nikkel (andere zware metalen, PAK’s en/of minerale oliën) moeten zijn aangetroffen, hetgeen echter niet het geval is, aldus Top. Gecombineerd met de eerder overgelegde stukken moet volgens Top dan ook nog steeds worden geconcludeerd dat zij geen zorgplicht heeft geschonden en zij niet als bron van de nikkelverontreiniging kan worden aangewezen.