Uitspraak
200802772/1dat het niet opzettelijk overtreden van de Wav niet noopt tot matiging van de boete nu dit een omstandigheid is die moet worden geacht bij de vaststelling van de beleidsregels te zijn betrokken.
200704906/1), wordt in situaties waarin sprake is van het volledig ontbreken van verwijtbaarheid van boeteoplegging afgezien. Hiertoe dient de werkgever aannemelijk te maken dat hij al hetgeen redelijkerwijs mogelijk was om de overtreding te voorkomen heeft gedaan. Een verminderde mate van verwijtbaarheid kan aanleiding geven de opgelegde boete te matigen.
200802009/1betreffende de inlening door [bedrijf] van [naam 2] via [appellant], niet aannemelijk heeft gemaakt dat tussen enerzijds de uiterlijke kenmerken van de vreemdeling en anderzijds de pasfoto op de identiteitskaart zodanig duidelijke verschillen bestaan dat ook een persoon die geen specifieke deskundigheid bezit op het gebied van gezichtsherkenning tot de conclusie had moeten komen dat de vreemdeling niet de persoon is die op de identiteitskaart staat afgebeeld, althans dat gerede twijfel bestond of de vreemdeling die persoon is, faalt zijn betoog dat overduidelijk waarneembaar is dat de vreemdeling niet degene is voor wie de identiteitskaart is afgegeven. Dat de kwaliteit van de verrichte visuele controle onvoldoende zou zijn geweest is evenmin gebleken. Nu de minister niet naar voren heeft gebracht dat [appellant] de in het stappenplan genoemde uiterlijke kenmerken van de vreemdeling niet heeft vergeleken met de foto op de identiteitskaart, heeft de rechtbank terecht overwogen dat het betoog van de minister, dat [appellant] bij het volgen van het stappenplan een betere visuele controle zou hebben uitgevoerd, niet kan slagen.