Uitspraak
200802264/1en uitspraak van 14 maart 2007 in zaak nr.
200606064/1), kan een getuigenverklaring niet worden aangemerkt als een geschrift als bedoeld in die bepaling.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Heemskerk wees het verzoek van appellant tot wijziging van zijn geboortedatum in de gemeentelijke basisadministratie af, omdat geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren aangevoerd. Appellant had eerder al een verzoek gedaan dat was afgewezen en waartegen geen beroep was ingesteld.
De rechtbank bevestigde deze afwijzing en oordeelde dat de overgelegde documenten en getuigenverklaring niet als nieuw feit of veranderde omstandigheid konden worden aangemerkt. De Raad van State overwoog dat alleen feiten die na het eerdere besluit zijn voorgevallen of die niet vóór dat besluit konden worden aangevoerd, als nieuw kunnen gelden.
De Raad stelde vast dat de rechtbank de juiste maatstaf heeft gehanteerd en dat de getuigenverklaring niet als bewijs kan dienen voor wijziging van de geboortedatum volgens de Wet gemeentelijke basisadministratie. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot wijziging van de geboortedatum bevestigd.