ECLI:NL:RVS:2010:BN5935
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- A.W.M. Bijloos
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid vreemdelingenbewaring en proces-verbaal tijdstip
De vreemdeling werd op 23 juni 2010 in vreemdelingenbewaring gesteld. In het proces-verbaal werd een onjuist tijdstip van inbewaringstelling vermeld, namelijk 16.23 uur, terwijl de vreemdelingenpolitie pas om 16.55 uur op de hoogte werd gesteld en de vreemdeling toen direct werd staande gehouden. De rechtbank had het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
De vreemdeling voerde aan dat er geen juridische titel was voor zijn detentie tussen de strafrechtelijke detentie en het opleggen van de maatregel van bewaring. De Raad van State oordeelde dat hoewel het proces-verbaal onjuist was, dit niet leidt tot vernietiging van de uitspraak. Tevens is het niet aan de vreemdelingenrechter om te oordelen over de rechtmatigheid van strafvorderlijke bevoegdheden voorafgaand aan de staandehouding, tenzij een bevoegde rechter de onrechtmatigheid heeft vastgesteld.
Het hoger beroep werd daarom kennelijk ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak dat het onjuiste tijdstip in het proces-verbaal niet leidt tot vernietiging en dat de vreemdelingenrechter niet bevoegd is strafvorderlijke bevoegdheden te toetsen.