Uitspraak
200703674/1) betreft het verlenen van een uitwegvergunning, anders dan [appellant] heeft gesteld, een discretionaire bevoegdheid die terughoudend moet worden getoetst. Bij de beoordeling van de vraag of het belang van bescherming van groenvoorzieningen in de gemeente door de uitweg in geding is, komt het college beoordelingsvrijheid toe. Die beoordeling dient plaats te vinden naar de feitelijk bestaande situatie ten tijde van de besluitvorming. Indien het college de belangen in geding acht, dient het vervolgens, onder afweging van alle betrokken belangen, te beoordelen of dat voldoende reden is de vergunning te weigeren.