Uitspraak
200907363/1/H3kan paragraaf 8.1 van de bijlage slechts dan een zelfstandige betekenis toekomen als de ziektebeelden genoemd in de paragrafen 8.2 tot en met 8.9 niet van toepassing zijn.
Raad van State
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) verklaarde het rijbewijs van [wederpartij] ongeldig op grond van een psychiatrisch onderzoek dat een bipolaire stoornis vaststelde. De rechtbank Breda vernietigde dit besluit wegens onvoldoende zorgvuldigheid en motivering, omdat het CBR geen aanvullend onderzoek had laten verrichten ondanks gemotiveerde betwisting van de diagnose.
Het CBR stelde in hoger beroep dat de diagnose voldoende was onderbouwd en dat het niet aan het bestuursorgaan of de rechter was om de psychiatrische diagnose te toetsen. De Raad van State oordeelde echter dat het CBR had moeten overgaan tot aanvullend onderzoek, omdat de diagnose doorslaggevend was en de betwisting gemotiveerd was.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en vernietigde het besluit van het CBR van 25 augustus 2010. Tevens werd het CBR veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De zaak benadrukt het belang van zorgvuldigheid en deugdelijkheid van motivering bij besluiten die de rijgeschiktheid betreffen, vooral bij complexe psychiatrische diagnoses.
Uitkomst: Het besluit van het CBR tot ongeldigverklaring van het rijbewijs is vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldigheid en motivering.