Uitspraak
200802103/1, overweging 2.4.; www.raadvanstate.nl), is ten aanzien van de in het structuurplan voorziene bestemmingsaanwijzing "Glastuinbouwbedrijvenlandschap" voldaan aan de in artikel 2, tweede lid, van de Wvg gestelde voorwaarde dat voor een aanwijzing alleen gronden in aanmerking komen waaraan een niet-agrarische bestemming is toegedacht. De Afdeling heeft daarbij onder meer van belang geacht dat de traditionele glastuinbouw in dit gebied niet meer mogelijk zal zijn en dat in het gehele gebied niet-agrarische functies mogen worden toegevoegd aan en gecombineerd met een moderne variant glastuinbouw. In hetgeen de Stichting heeft aangevoerd, ziet de Afdeling geen aanleiding voor een andersluidend oordeel. De rechtbank heeft derhalve terecht overwogen dat het besluit voldoet aan de voorwaarde genoemd in artikel 2, tweede lid, van de Wvg.