ECLI:NL:RVS:2011:BQ2602
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- M.A.A. Mondt Schouten
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking arbeidsmarktaantekening bij verblijfsvergunning vreemdeling
In deze zaak ging het om de vraag of de staatssecretaris bevoegd was het besluit van 20 juli 2009 in te trekken, waarbij aan een vreemdeling een arbeidsmarktaantekening was toegekend die niet in overeenstemming was met de wettelijke bepalingen van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) en het daarop gebaseerde Besluit uitvoering Wav.
De vreemdeling had aanvankelijk een verblijfsvergunning onder de beperking 'voor het ondergaan van medische behandeling' met de aantekening 'arbeid niet toegestaan'. Later werd de geldigheidsduur verlengd en werd door het besluit van 20 juli 2009 de arbeidsmarktaantekening gewijzigd in 'arbeid vrij toegestaan, tewerkstellingsvergunning niet vereist'. Dit besluit werd door de staatssecretaris op 10 augustus 2009 ingetrokken.
De rechtbank had geoordeeld dat de staatssecretaris niet bevoegd was tot intrekking van het besluit van 20 juli 2009 en dat het intrekken in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel. De Raad van State vernietigde deze uitspraak en oordeelde dat de staatssecretaris binnen de grenzen van het rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel bevoegd was het besluit in te trekken omdat de arbeidsmarktaantekening onrechtmatig was toegekend.
De Raad benadrukte dat de Wav en het Besluit uitputtend regelen aan welke vreemdelingen een arbeidsmarktaantekening wordt afgegeven en dat de vreemdeling niet tot de aangewezen categorieën behoorde. De rechtbank had ten onrechte niet onderkend dat de staatssecretaris de fout mocht herstellen. Het hoger beroep werd gegrond verklaard en het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond en vernietigt de uitspraak van de rechtbank; het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard.