ECLI:NL:RVS:2011:BR1423
Raad van State
- Hoger beroep
- Th.G. Drupsteen
- N.S.J. Koeman
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing nadeelcompensatie wegens wijziging rechtsvorm onderneming
De B.V. verzocht het college van burgemeester en wethouders van Breda om nadeelcompensatie vanwege financiële schade door verkeersmaatregelen rondom De Nieuwe Mark in 2005-2007. Het college wees dit verzoek af op grond van beleidsregels die geen compensatie toestaan als de onderneming zich na 1 januari 2003 heeft gevestigd of onroerende zaken heeft gekocht.
De rechtbank verklaarde het beroep van de B.V. ongegrond, stellende dat de B.V. in 2005 werd opgericht en daarmee het risico van de verkeersmaatregelen had aanvaard. De B.V. stelde echter dat zij feitelijk al sinds 2002 als V.O.F. gevestigd was en alleen de rechtsvorm in 2005 wijzigde.
De Raad van State oordeelde dat de geruisloze inbreng van de V.O.F. in de B.V. betekent dat sprake is van dezelfde onderneming, waardoor geen actieve risicoaanvaarding aan de B.V. kan worden toegerekend. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank vernietigd, en het college werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de B.V. De uitspraak werd gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 13 juli 2011.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van nadeelcompensatie wordt vernietigd.